Michel Fluri

Bouwkundig Projectleider

‘Als je bij ons binnenkomt, zie je meteen: dit appartement is van Stadsgoed’

Achter de schermen werkt een klein, maar gemotiveerd en enthousiast team van Stadsgoed N.V. aan een mooie en leefbare binnenstad. In dit artikel stellen wij je voor aan Michel Fluri. Michel is als bouwkundig projectleider verantwoordelijk voor de grote renovatie- en herontwikkelingsprojecten na aankoop van panden.

Enerverende periode

“In 2026 werk ik al 21 jaar bij Stadsgoed. Als ik terugkijk op al die jaren, dan is het toch wel enerverend geweest. Spannend, voornamelijk ook omdat je hier de ruimte krijgt om dingen te doen en iets neer te zetten. Dat hebben we in al die jaren toch mooi voor elkaar gekregen. Het blijft zich ook uitbreiden. Verduurzamen is er bijvoorbeeld bij gekomen. Het is bizar als je de kwaliteit die wij leveren vergelijkt met andere organisaties. Het hang- en sluitwerk, een goede keuken, een goede badkamer. Die kwaliteit kost ook wat. Maar als je iets meer uitgeeft aan de voorkant, kun je besparen aan de achterkant. Dat is wat wij doen.”

Eigen stijl

“Als je nu bij ons binnenkomt, zie je meteen: dit is een appartement van Stadsgoed. We hebben het zo gedaan dat de wanden en keukens bijna overal hetzelfde zijn. Als we onderhoud moeten plegen, weten we wat er nodig is. Dat is wat we in al die jaren hebben geautomatiseerd. We doen veel, maar het is dus ook veel herhaling. Dat is niet altijd het geval, want elk pand is anders en heeft zijn eigen problematiek. Een pand kan goed zijn, slecht of nóg slechter dan dat we ooit hebben aangekocht. Daar zit voor ons de uitdaging. Die zit ook in de diversiteit van de panden die we kopen, met de verschillende bestemmingen. Een sekswinkel of een coffeeshop, maar ook een discotheek die we hebben verbouwd tot een pand met kantoorruimte en woningen.”

Verrassing en uitdaging

“We slaan niet altijd de weg in van de minste weerstand. De panden bekijken we meestal als de ruimtes nog bewoond zijn en de meubels dus nog in de ruimte staan. We hebben laatst twee panden op de Nieuwendijk gekocht. We kregen de bovenste verdieping van één pand meteen leeg, maar van de voorgevel tot de achterkant was er sprake van een hoogteverschil van 55 centimeter. Dat komt doordat de woning is verzakt. Daar kom je pas later achter. Je ziet dus niet meteen hoe een pand eraan toe is. Dat is altijd weer een verrassing. Daarnaast is het elke keer weer een uitdaging om de juiste indeling voor de kleine pandjes te bedenken.”

Fijne samenwerking met aannemer

“Dat is het leuke met de aannemer die we nu hebben, Pieter Velzeboer. Hij denkt met ons mee. Het maakt niet uit of ik aan het werk ben of thuis zit. Soms belt hij mij op via Facetime. Dan draait hij zijn telefoon en zegt hij: als ik die wand een meter die kant op verplaats, hebben we daar meer ruimte voor een wasmachine of een droger. Het is geweldig om te zien wat hij doet om een woning op een nóg hoger niveau te krijgen. Daar haal je zelf ook voldoening uit en het maakt het ook een stuk makkelijker. Wij moeten proberen de juiste oplossingen te vinden, ook als het om details gaat. Dat doet Pieter.”

De assist

“We hebben heel veel mooie dingen gedaan. Ook heel bijzondere dingen. We hebben doorsneepandjes heel mooi opgeknapt. Dat is heel leuk en mooi om te doen. De gemeente Amsterdam heeft ons nu een pand aangeboden waar vier families al 35 jaar antikraak wonen (aan de Bergstraat). De kinderen slapen in kamers waar geen daglicht naar binnen komt. De gemeente heeft aan ons gevraagd of wij een plan wilden ontwikkelen. Het wordt een mix van kleine en wat grotere woningen. Beneden bieden we ruimte aan de gezondheidszorg. We hebben goedkeuring gekregen van de gemeente. Dat zijn natuurlijk wel mooie dingen om te doen.”

“In Amsterdam is een pand bijna nooit af. Er komt altijd wel iets nieuws bij kijken. In de voorbereiding is het altijd puzzelen. Als ik in de schetsfase alles met de hand heb getekend én berekend, mijn collega de schets verwerkt in het systeem en het komt bijna op hetzelfde uit, geeft dat toch een fijn gevoel. Dat heb je met voetbal ook. Als je een mooie pass geeft en die wordt ingekopt door een teamgenoot, is hij degene die juichend wegrent. Maar jij hebt de voorbereiding gedaan. Dat schreeuw ik niet van de daken, maar daar haal ik zeker voldoening uit.”